avatar
     
Blogs

De vakantieopa

'Hij is een jaar of tachtig, door de zon gebruind, draagt een gouden ketting met een kruis en een blauwe Italia pet'

Tags: , , ,

Op de hoek van ons straatje, voor een prachtige huurtent met veranda, zit een man. Hij is een jaar of tachtig, door de zon gebruind, draagt een gouden ketting met een kruis en een blauwe Italia pet. Als wij ‘s ochtends vroeg naar het sanitairgebouw lopen om te plassen, zit de man er al. Als we naar de wasruimte gaan voor een handwas, zit de man er ook. En ook als we gaan afwassen, douchen of richtig het strand liepen, zit hij er. De man zit elke dag voor zijn tent. ‘s Ochtends in de zon, de rest van de dag in de schaduw. 

Mijn dochter van drie zwaait naar de man. ‘s Ochtends vroeg, midden op de dag, ‘s avonds laat. Iedere keer als ze ons straatje in of uitloopt, alleen, met haar zus of ons, zwaait ze naar hem. Niet even vluchtig of snel, maar met bijzonder veel aandacht. Als ze iets in haar handen heeft, zoals een wc-rol, emmer of zwemband, dan zet ze deze artikelen eerst op de grond om vervolgens te beginnen met zwaaien. De man zwaait altijd terug, behalve als hij slaapt. Dan ligt zijn blauwe pet iets over zijn ogen. Mijn dochtertje geeft het nooit zomaar op. Ze loopt alleen door als ze zeker weet dat hij écht slaapt. En anders blijft ze net zolang zwaaien tot hij terug zwaait.

Op de veranda zit een vrolijke, blonde vrouw. Een paar meter achter de man. “Is dat jouw oma?” vraagt mijn dochter aan de man,  “Wat zeg je meid?” vraagt de man, die al een klein beetje doof is. “Is dat jouw oma?” vraagt mijn dochter nog een keer. “Nee, meid, dat is mijn dochter!” zegt de man. De vrouw zwaait nu ook, maar mijn peuter vindt het maar een vreemd verhaal. Ze helpt me met de vaat, maar zegt na het drogen van twee bamboe kopjes dat ze even weg moet en snel weer terugkomt. Ik ga op mijn tenen staan en zie dat ze naar de man loopt. Ik kan niet horen wat ze zegt, maar dat ze een gesprek voeren is duidelijk. De opa lacht en zij lacht ook. Ze legt hem iets belangrijks uit, aan de handgebaren die ze maakt te zien. Dan zwaait ze naar hem, kijkt ze of ze het pad kan oversteken en rent ze terug naar mij en de afwas.

“Opa, ik vind je lief!”

Isabelle gaat elke dag even met de opa praten. Ik ben er nooit bij, maar begrijp later dat ze heeft verteld dat ze twee huizen heeft. Twee papa’s. En twee babypoezen. Ook heeft ze verteld hoe haar school heet en uitgelegd dat ze een paars skateboard heeft met groene wielen. Op een dag zegt de meneer: “kom jij eens hier wijffie!” Hij pakt zijn zwarte lederen portemonnee uit zijn zak en geeft mijn dochter een briefje van vijf euro. “Ga jij vanavond maar eens even lekker een ijssie halen! Wel delen met je zussie he!” “Oké opa!” zegt mijn peuter en huppelt terug naar onze tent. Vanaf dat moment is de man uit Beverwijk de bonusopa van Isabelle. “Goedemorgen opa!” klinkt het ‘s ochtends vroeg. “Ik ga even naar de wc opa!” als ze langs zijn tent rent omdat ze nodig moet plassen. En dan ineens, op weg naar het strand: “Opa, ik vind je lief!”

Als de meisjes zich die avond voor de glazen ruit vergapen aan het vers gemaakte chocolade, frambozen en citroenijs, staat opa ineens achter ze. “Wijffies… Jullie kunnen allebei twee bollen nemen! Dan hebben jullie precies genoeg!” “Opa?” vraagt Isabelle. “Wil jij ook ijs?” “Nee hoor wijffie, opa lust geen ijs.” zegt de man. “Opa neemt liever een koud biertje.” Het is een van de laatste avonden en we raken op het terras met opa in gesprek. Hij vertelt ons dat hij tien jaar lang voor zijn vrouw zorgde. Zij was heel erg ziek. Daarom gingen ze niet op vakantie. Een half jaar geleden overleed ze. En nu was hij voor het eerst in het buitenland. Hij was in zijn eentje naar Venetië gevlogen om een weekje bij zijn dochter en schoonzoon op de camping te zijn. En dat viel hem nog best zwaar, want er was ineens zoveel tijd om na te denken over wat er was gebeurd en het verlangen naar zijn vrouw was zo intens groot, maar gelukkig had hij een vakantievriendinnetje gemaakt.

Aardig en lief zijn

Met tranen in zijn ogen pakt hij mij handen vast en zegt hij dat mijn dochter er de afgelopen week voor heeft gezorgd dat hij iedere dag iets had om naar uit te kijken: haar vrolijkheid, haar vragen en haar praatjes hadden hem goed gedaan. Ze had hem zelfs gevraagd waar zijn ‘oma’ (vrouw) nu was en hij had uitgelegd dat zijn ‘oma’ was gestorven. Isabelle had verteld de hond van haar oma ook was gestorven. Dus dat de oma van haar vakantieopa nu de hond van haar oma uit kon laten in de hemel. Opa had haar tekeningen en knutselwerken gemaakt van felgekleurde plastic ijslepeltjes en schelpen aan de waslijn gehangen en hier werd hij vrolijk van. Hij zou ze meenemen naar Beverwijk en het kleine meisje van drie jaar dat hem elke dag kwam opvrolijken nooit meer vergeten.

Toen we die avond terug slenterden naar onze tent pakte mijn oudste dochter van zes mijn hand en zegt serieus en zelfs een beetje aangedaan: “nu snap ik echt waarom het zo belangrijk is om aardig en lief te zijn, want die opa zag er helemaal niet verdrietig uit, maar hij was het dus wel…” “Echt niet!” reageert Isabelle. “Mijn opa is gewoon vrolijk hoor! Want ik heb tegen hem gezegd dat hij altijd nog aan zijn oma kan denken. En dat ze voor altijd woont in zijn hart.”

Booking.com