avatar
     
Blogs

Faalangst + afrijden = drama

'Er konden veertig lessen op één kaart en ik ik wil er niet meer over kwijt dan dat ik drie verschillende kaartjes heb gehad. En één rijles kostte 41 euro.'

Als ik een blog zou hebben over enkel mijn avonturen op de weg, zou ik die dagelijks kunnen vullen. Vanaf het moment dat ik begon met het nemen van rijlessen is de situatie rondom mij en auto’s nogal roerig. Laat ik zeggen dat ik geen natuurtalent bleek te zijn, toen ik ergens halverwege mijn studie eindelijk startte met rijlessen.

Ik begreep werkelijk helemaal niets van hetgeen mijn instructeur mij vertelde. Dat hele ‘opschakelen’ zoals hij het noemde: ik had werkelijk keine ahnung waarom je dat moest en zou doen. Daarbij kan ik geen getallen onthouden, dus waar moest dat metertje dan ook alweer staan als je moet doorschakelen?

Ik had een roze kaart gekregen waar instructeur Paul elke week de nieuwe afspraak in schreef. Die kaart was heel ludiek in de vorm van het ouderwetse roze klaprijbewijs. Er konden veertig lessen op één kaart en ik ik wil er niet meer over kwijt dan dat ik drie verschillende kaartjes heb gehad. En één rijles kostte 41 euro. Ofwel, een kwartier rijden kostte meer dan een tientje.  ‘Meer dan tweeëntwintig gulden’, zouden senioren zeggen. Als je pech hebt,  sta je van die vijftien minuten ook nog vijf minuten voor een rood licht. Pure geldklopperij als je het mij  vraagt.

“Hannah, heb jij hier eigenlijk wel geduld voor?’ Geduld? NEE! Ik had er geen geduld voor!”

Wat lastig was dat het al vrij snel allemaal heel persoonlijk werd. Ik maakte niet echt fouten, maar het was het allemaal net niet, zo zei Paul steeds.  ‘Tsja, het is in de basis goed, maar breng er iets meer rust in’, zei hij dan. Of: ‘het kan allemaal iets minder roekeloos…’. En de allerergste: ‘Hannah, heb jij hier eigenlijk wel geduld voor?’ Geduld? NEE! Ik had er geen geduld voor. Na een jaar kon ik niet meer.

Daarbij was mijn theorie, die ik uiteraard wel in één keer haalde toen verlopen, wat ook weer allerlei hysterische taferelen met zich meebracht. Doordat ik post kwijt raakte, wist ik dat pas vlak voor het daadwerkelijke afrijden en kon ik bij een achenebbisj CBR kantoor aan de andere kant van het land terecht voor een tweede kans. Mijn collega en goede vriend bracht mij er onder werktijd heen omdat ik het MOEST halen, maar natuurlijk bezweek ik volop onder alle druk en zakte ik met een gênant aantal fouten.

“Ik weet niet meer of ik verdrietig, boos of teleurgesteld was”

Snel daarna kon ik terecht in een andere uithoek van het land. Een week lang stampte ik alle ellendige theorie in mijn hoofd en gelukkig slaagde ik, maar dat kon ik na het praktijkexamen helaas niet zeggen. En daar waar ik van anderen altijd hoorde dat ze een zogenaamde ingreep hadden gehad, wat ik heel mooi en dramatisch vond klinken, was dat tijdens mijn examen niet aan de orde.

Paul zat zwijgend achterin en zei na afloop niets, maar omdat hij nou niet bepaald een hele flamboyante persoonlijkheid had zocht ik daar niets achter. Ik dacht oprecht dat ik het had gehaald, maar volgens de examinator ‘was het het nog net niet’. Ik weet niet meer of ik verdrietig, boos of teleurgesteld was. Ik vermoed meer een mix van deze emoties. Daarna volgden er nog drie examens die ik niet haalde. 

“Toen de examinator één woord tegen me had gezegd barste ik al in tranen uit”

Op woensdagmiddag 11 februari 2009 gebeurde het onmogelijke. Een staatsexaminator van een jaar of zestig en met slechts drie vingers aan zijn rechterhand schudde deze met de mijne en feliciteerde me met het behalen van mijn rijbewijs. Deze lieve meneer was getraind in het begeleiden van mensen met faalangst. De praatsessie die voorafging aan de rit vond plaats in een Van der Valk hotel omdat het gebouw van het CBR me na vier keer zakken weinig goeds deed. Toen de examinator één woord tegen me had gezegd barste ik al in tranen uit. Ik vertelde hem alles over het tweejaar durende drama, de vier mislukte praktijkexamens, de duizenden euro’s, de eikels van instructeurs en de eeuwige teleurstelling in mijzelf.

Het halen van dat roze pasje kostte me bloed, zweet en tranen

De man met de vingers (zelf dus ook niet perfect, geen onbelangrijk detail) bedaarde me. Toen ik relaxt genoeg was om te vertrekken, stapten we samen in de auto om ‘een stukje te gaan rijden’. Een lekker laagdrempelige situatie. Dat ging perfect en eenmaal terug op de parkeerplaats feliciteerde de examinator me met mijn rijbewijs. Ik ben tot op de dag van vandaag blijer met mijn rijbewijs dan met mijn HBO-diploma. Waarom? Omdat het halen van dat roze pasje me bloed, zweet en tranen kostte.

Ik kan me het gevoel wat ik had van het heuglijke moment van eindelijk slagen nog exact voor de geest halen. Op dat moment was dat het allerbelangrijkste in mijn leven en ik was er heilig van overtuigd dat het nooit, maar dan ook nooit goed zou komen. Wat ik nu weet is dat ik me volledig liet leiden door angst. Collega’s die in 2008/2009 met mij werkten: sorry nog. Voor toen.

Sorry dat ik elke week huilend binnenkwam en deed alsof de wereld ieder moment zou vergaan. Maar zo voelde het toen echt. Zoals mijn goede vriendin Amber altijd zegt: ‘alles is een fase, en alles gaat voorbij’. Ik laat mijn leven inmiddels niet meer leiden door angst, en ga nu proberen in te zien dat de struggles die ik in mijn leven heb over acht jaar waarschijnlijk ook zwaar zijn verjaard.