avatar
     
Blogs

De reserveknuffel

'Ik sprak ooit een vader die TIEN exemplaren van het eendje van zijn zoontje had, die hij stiekem rouleerde zonder dat het knaapje had doorhad'

Tags: ,

Mijn beide kinderen zijn meer dan de helft van de dag vastgegroeid aan hun knuffel. Mijn oudste dochter heeft sinds de dag dat ze is geboren een zacht Happy Horse konijn bij zich dat ze kreeg van haar opa en oma. De jongste had diverse modellen knuffels in haar wieg liggen; de Sophie de Giraf knuffeldoek werd haar favoriet.

Nijn gaat al bijna zes jaar overal mee naartoe en heeft inmiddels veel meegemaakt. Er zijn kinderen die als ze wakker worden braaf hun knuffel in hun bed achterlaten, maar mijn kinderen hebben dat nog nooit van harte gedaan. Als je klein bent en in twee huizen woont is je lievelingsknuffel natuurlijk ook extra belangrijk en daarom mogen Nijn en ‘Soeffie’ mogen na het opstaan van mij best mee naar beneden. Ook gaan de twee een aantal keer per week mee in de auto; heen en weer van mama naar papa en terug.

“Dit is wel hetzelfde konijn mama, maar het is niet mijn Nijn!”

Van Nijn had ik tot ieders verbazing nooit een reserveer-exemplaar. Mensen sloegen daar soms stijl van achterover. Ik sprak ooit een vader die TIEN exemplaren van het eendje van zijn zoontje had, die hij stiekem rouleerde zonder dat het knaapje had doorhad. Als er één zoekraakte had zijn peuter het niet eens door. Toen mijn dochter drie was kochten we dan toch maar een extra konijn voor je-weet-maar-nooit. Het beest ligt nog steeds onaangeraakt in een doos op haar kamer: “dit is wel hetzelfde soort konijn mama, maar het is niet mijn Nijn!”

Door de ‘outgoing-lifestyle’ van Nijn en ‘Soeffie’ gaan ze bij voorkeur overal mee naartoe. Mijn peuter van twee wil haar knuffeltje overal mee naartoe nemen. Soeffie moet in het mandje van haar fiets, in de bak van haar driewieler en in de boodschappentas. Ik hoor mezelf dan steeds streng doch rechtvaardig zeggen dat we Sophie thuis laten omdat we haar niet kwijt willen raken, maar als mijn kind zich vervolgens huilend op de grond stort en van verdriet en woede haar laarzen weer uittrekt, gebeurt het ook wel eens dat ik dat ik in het kader ‘Choose your battles’ ervoor kies om mijn dochter haar knuffel mee te laten nemen.

“Ik gaf mijn dochter een nieuw exemplaar, die er na een week net zo smoezelig uitzag als Sophie 1”

Bij de jongste besloten we het ‘koop een reseverknuffel!’ advies dan toch maar meteen serieus te nemen; in Frankrijk kochten we drie extra Sofie de Giraf doekjes. Ik voelde me een fantastische moeder. Nog geen vijf weken later raakt mijn jongste haar knuffel met speen kwijt. En het deed haar werkelijk helemaal niets. “Mama ook Soeffie kocht!” Tsja. Dat was zo. Ik gaf haar een nieuw exemplaar, die er na een week net zo smoezelig uitzag als Sophie 1. Er werd geen traan gelaten en ik was zelf degene die overal zocht naar het doekje: mijn peuter zag het probleem niet zo. 

Gisteren wilde mijn kind haar Soeffie persé mee nemen naar buiten en aangezien we een bus moesten halen mocht het van mij. Stom natuurlijk. Rond het uur van het middagslaapje was er ineens een grand problème: Soeffie was weg. Tevergeefs belde ik de bakker en drie andere winkels waar we waren geweest. Ik zag op tegen het gaan slapen en het bijkomende drama, maar gek genoeg was er helemaal niets aan de hand. Ik knoopte een nieuwe speen aan doekje nummer drie en gaf het haar; ze drukte het meteen tegen haar neus aan en mompelde: “Ouwe Soeffie kwijt raakt, zielig voor Soeffie…!” Ik  vroeg haar of het voor haar niet erg of zielig was, dat Soeffie er niet meer was. “Nee hoor, mama nieuwe Soeffie kocht!” Vijf minuten later sliep ze.


Ik weet het niet met die reserveknuffels. Het bespaart me als moeder een hoop leed en drama; maar wat leer ik mijn kind nu precies over zuinig omgaan met dierbare spullen en de vervangbaarheid van dingen waar je om geeft?